‘Ik ben ook een boze blanke man’, zo begon ik onlangs een presentatie over het Nationaal Initiatief Herstructurering van Schulden. Alleen richt mijn boosheid zich tegen het systeem van de overheid om schulden van kwetsbare huishoudens aan te pakken. Een systeem dat vaak ineffectief is, bureaucratisch en een grote schuldenindustrie voortbrengt die eraan verdient. Onthutsend gewoon.
Als voormalig corporatiedirecteur durf ik het best een schande te noemen dat wooncorporaties zo vaak mensen met schulden uitzetten; dat maakt het oplossen van de problemen namelijk niet kleiner maar moeilijker. Ik heb daarna meegemaakt hoe het maatschappelijk herstel na behandeling voor verslaving werd gefrustreerd als de schulden niet waren opgelost. Datzelfde is te zien bij de reclassering na detentie. En in het beroepsonderwijs bezwijken leerlingen onder de stress van hun persoonlijke financiële problemen.
De ernst van het probleem is al heel lang bekend. Steeds vaker klinkt de aanklacht tegen een overheid die hierin niet goed optreedt. Jarenlang was het onderwerp nog taboe. Misschien vanwege de ingewikkeldheid: wie benoemt het onderwerp als er geen (gemakkelijke) oplossing bij gevonden kan worden? Misschien was het ongemak de moraal van het verhaal, en dan gaat het om schuld en boete.


Illustratie: Hein de Kort

Dat taboe is er inmiddels wel af. Mirjam Pool schreef eerder de klassieker Alle dagen schuld. De laatste jaren regent het wetenschappelijke rapporten over de ernst van schulden bij huishoudens. De Transitiecommissie Sociaal Domein heeft onder de aandacht gebracht dat de hardnekkige problemen die gemeenten moeten oplossen bijna allemaal een verbinding hebben met financiële problemen. Vooral de tv-serie Schuldig heeft het de huiskamers binnengebracht, het taboe doorbroken, het onderwerp aaibaar gemaakt.
Tot mijn teleurstelling komt Den Haag niet veel verder dan dikke rapporten. Je kunt een kabinetsperiode vullen met eerst een onderzoek naar de ernst van het probleem, dan een onderzoek naar waarom het zo’n probleem is, en daarna naar wat er aan gedaan kan worden, ja ja!
Ondertussen gloort er ook hoop. Er ontstaat her en der beweging dankzij pioniers. Het Goede Gierenfonds is zo’n initiatief dat aantoont dat het veel goedkoper is de schulden weg te werken dan dure jeugdbescherming of andere hulpverleners. Of neem ONSbank van de Delta Lloyd Foundation die experimenteert om schuldeisers te laten samenwerken met schuldeisers. Recent kwam zorgverzekeraar CZ met het initiatief om bij 250 Haagse probleemgezinnen de schuld af te kopen.
Zelf ben ik betrokken bij het Nationaal Initiatief Herstructurering van Schulden, dat nu in enkele gemeenten experimenteert. Inzet is om als gemeente snel de schuldenlast weg te nemen en tegelijk te werken aan een steunsysteem voor gedragsverandering om weer nieuw perspectief op te bouwen. Ontwikkeld met steun van energiemaatschappijen, zorgverzekeraars en wooncorporaties. Die inmiddels ook liever wat coördinatie en eenduidigheid willen, dan voor ieder weer een andere aanpak.
Het probleem van alle initiatiefjes en experimenten is dat ze allemaal klein zijn en werken met tegenwind. Voor ieder huishouden opnieuw moet weer een hele keten van schuldeisers en instanties worden overtuigd. Er is bewondering op zijn plaats voor iedereen die dat weet vol te houden. Het wordt tijd dat er een wat gunstiger meewind ontstaat. Ik vestig daarbij mijn hoop op een voorstudie van Roel in ’t Veld, met de veelzeggende titel Een onbemind probleem, dat hij in opdracht van kabinet en Tweede Kamer schreef. Ik voeg wat zinnen uit zijn rapport bij elkaar:
‘De meerderheid van de mensen met problematische schulden ontvangt geen hulp van de overheid. De behandeling dient steeds twee uitgangspunten te verzoenen: het beginsel dat de schuld dient te worden terugbetaald, en het beginsel dat de onmachtige schuldenaar hulp verdient. Vergroot de zorgplicht van crediteuren (waarom geen ‘krediet-me-niet-register’?). Sluit geen categorieën meer uit bij schuldhulpverlening.’
Een onbemind probleem, het is een loepzuiver rapport. Er is geen enkel excuus voor het volgende kabinet om zich opnieuw te verstoppen achter een reeks onderzoeken. Een stevige aanpak van de schuldenproblematiek is dringend gewenst, de route is bekend, en zorgt voor de meewind waar al die vrijwilligers, professionals en experimenteerders op lokaal niveau naar snakken.
Martien Kromwijk is wethouder sociaal domein in Bodegraven-Reeuwijk.

Bron: fd.nl

Share This